TROTS vragen over voedselbank
Rechtsongelijkheid bij subsidiëring voedselbanken
Op 12 oktober jl. is in uw collegevergadering een onderzoeksrapport aan de orde geweest
met als titel "Onderzoek naar voedselbankklanten en adequate hulpverlening". Opvallend detail hierbij is dat de onderzoekers zich alleen lijken te hebben gericht op de cliënten van de Tilburgse Voedselbank. Hierdoor zijn meer dan 120 Tilburgse gezinnen die een voedselpakket ontvangen via de stichting Voedselbank Tilburg volledig buiten beschouwing gelaten.
De stichting Voedselbank Tilburg verzorgd al meer dan vier jaar voedselhulp voor ruim 120 hulpbehoevende Tilburgse gezinnen. Hiervoor hebben zij nooit financiële steun van de gemeente ontvangen. Dit in tegenstelling tot de stichting Tilburgse voedselbank. Deze organisatie ontvangt 60.000 euro subsidie per jaar.
De belangrijkste keuze hiervoor was de wens om te komen tot één voedselverstrekkingsorganisatie in Tilburg te komen. Maar door verschillen van inzicht op zowel persoonlijk als zakelijk vlak aan beide kanten is dit tot op heden geen realistische optie. Wel hebben we middels diverse werkbezoeken kunnen constateren dat er in de afgelopen periode een betere samenwerking tot stand is gekomen tussen beide Tilburgse voedselverstrekkers.
Daarnaast werd bij de keuze voor subsidiëring van alleen de Tilburgse voedselbank het argument aangevoerd dat stichting Tilburgse Voedselbank was aangesloten bij de landelijke stichting Voedselbank Nederland.
Via de stichting Voedselbank Tilburg hebben wij vernomen dat deze organisatie inmiddels is toegelaten tot de regio-organisatie van de landelijke stichting Voedselbank Nederland. Hiermee zijn hebben beide voedselbanken een gelijke status en is de keuze voor subsidie aan alleen de Tilburgse voedselbank opnieuw ter discussie komen te staan.
Bovenstaande leidt voor de Trots op Nederland-fractie tot het stellen van de volgende vragen:
1. Is het college op de hoogte van het feit dat de Voedselbank Tilburg inmiddels ook is aangesloten op de regio-organisatie van de landelijke stichting Voedselbank Nederland?
2. Deelt het college de mening dat door de toetreding van Voedselbank Tilburg tot de regio-organisaties van de landelijke stichting Voedselbank Tilburg beide voedselbanken (Tilburgse voedselbank en Voedselbank Tilburg) een gelijkwaardige status hebben en derhalve gelijk behandeld dienen te worden? Zo nee waarom niet?
3. Indien het antwoord op voorgaande vraag bevestigend is, op welke wijze gaat u binnen de huidige budgetten zorg dragen voor gelijke behandeling van beide voedselbanken?
4. Indien het antwoord op vraag 2 bevestigend is, is het college dan voornemens ook een medewerk(st)er van IMW gezamenlijke intakes te laten verzorgen bij Voedselbank Tilburg? Zo ja, op welke termijn gaat u dit realiseren? Zo nee, waarom niet?
5. Heeft het college inmiddels een definitief besluit genomen tot subsidiëring van de Tilbugse voedselbank? Zo ja, voor welk bedrag verstrekt u subsidie aan de Tilburgse voedselbank en welke argumenten heeft u voor deze beslissing? Zo nee, op welke termijn verwacht uw college hierover een besluit te nemen?
6. Bent u bereidt de beslissing tot subsidiëring en/of de uitbetaling van het subsidiebedrag aan de Tilburgse voedselbank op te schorten tot u ook de gewijzigde situatie m.b.t. de Voedselbank Tilburg in uw beslissing
In afwachting van uw antwoorden verblijven wij.
Joost van Puijenbroek
Ans Bertens



