Schriftelijke vragen ex artikel 47 inzake klokkenluidende pastoor
Al enige maanden wordt Tilburg bezig gehouden door het “excessieve klokkengelui” van de Margaretha Mariakerk aan de Ringbaan West. De gemoederen liepen hierbij hoog op, vooral door en actiegroep die klaagde over de geluidsoverlast .
Het college heeft de pastoor, c.q. de parochie een dwangsom opgelegd van € 5.000,00 per keer de klok 's ochtends om 7.15 uur zou worden geluid.
Gelukkig was de pastoor zo verstandig om e.e.a. niet op de spits te drijven.
Op 26 november j.l. vernamen we via het Brabants Dagblad, dat de rechtbank het besluit van de gemeente nietig verklaarde en dat pastoor Schilders wel gerechtigd is om 7.15 uur de klok te luiden. De gemeente interpreteerde, volgens de rechtbank blijkbaar, haar eigen Algemene Plaatselijke Verordening niet juist.
De VVD fractie heeft naar aanleiding van deze uitspraak enkele vragen:
- Kent het College c.q. de betrokken wethouder de inhoud van de Algemene Plaatselijke Verordening op dit punt?
- Het College, c.q. de betrokken wethouder heeft zich hoogstwaarschijnlijk laten adviseren door “deskundigen”,
waren deze adviseurs juridisch onderlegd of dacht men alleen maar dat men voldoende kennis in huis had?
- Realiseert het college c.q. de betrokken wethouder zich dat de geloofwaardigheid van de gemeente door deze acties ernstig in het geding komt?
- Zou het college c.q. de betrokken wethouder ook zijn over gegaan tot deze acties als het college c.q. de betrokken wethouder dit zelf had moeten betalen ?
- Welke stappen gaat het college cq de betrokken wethouder ondernemen om te voorkomen dat de gemeente Tilburg in de toekomst weer op een dergelijke ridicule manier het landelijke nieuws haalt?
Met vriendelijke groet
namens de VVD fractie
Cécile Franssen



